
Het pronkstuk van het complex is ongetwijfeld de kapel. De kapel kreeg een zuidelijk cachet door de vierkante, veertig meter hoge, campanile-toren. Bovenaan, opzij van de toren, steekt het gebeeldhouwde hoofd van architect Simon Van Craen naar buiten. In de toren hangt één klok.
In de vensters zijn prachtige glasramen geplaatst, die een processie van heiligen en een zaligverklaarde met hun attributen weergeven. De figuren zijn in vooraanzicht afgebeeld, strak als in een militaire linie. De kleurschakering is rijk, met overheersend donkere tinten.
Op de twee glasramen aan de kant van de orgeltribune staan engelen afgebeeld: ze bespelen muziekinstrumenten of zingen met partituren in de hand. De kartons voor de glasramen werden door Louis Charles Crespin in 1939 voltooid. Florent Prosper Colpaert, één van de belangrijkste glasbewerkers uit het Interbellum, vervaardigde de glasramen.
Het glasraam boven het altaar stelt de Heilige Drievuldigheid voor en is een mooi voorbeeld van art deco-stijl. Zowel de tekening als uitvoering is van de hand van Florent Colpaert.
Qua stijl valt het kubisme op, wat voor die tijd vernieuwend was. Door de contrasterende kleuren en het spel met het daglicht komt de witte duif – symbool van de Heilige Geest – als centraal object naar voor. Alle andere figuren in de weergave worden door hun donkere tinten naar de achtergrond gedrongen.
De niet-traditionele kruisweg is naar een ontwerp van architect Simon Van Craen en werd door beeldhouwer Camille Colruyt uitgevoerd.